Al van oudsher komen zoekers bij elkaar ten einde de waarheid van het leven te doorgronden.
Dit noemt men: satsang. Sat betekent: in waarheid zijn. Sanga betekent: gemeenschap.

In de bijeenkomst staat zelfonderzoek naar de ware aard van de mens centraal. Het uitgangspunt is te komen tot verlichting, opgaan in het absolute.

De vraag: wie ben je? staat hierin centraal.
De dialogen tussen zoeker en leraar ontsluieren de illusie van de denkbeeldige ik-identiteit.
Er wordt een spiegel voorgehouden en steeds verwezen naar het onveranderlijke, het eeuwige, het zelf.

Duidelijk wordt dat je niet afgescheiden bent van het onveranderlijke, het zelf.

De energie overdracht op bewustzijnsniveau spreekt je in je Hart aan.
De zoektocht naar buiten valt dan stil en dat maakt het gewaarzijn van je innerlijk mogelijk.
Immers, alle aanwezige vrede is al aanwezig in de leegte van je zelf.
Dit zien, dit weten, is het einde van de zoektocht.
Er vindt dan een ontwaken plaats zonder dat er nog een iemand is die ontwaakt.